Terugkoppeling jaarlijks OOGO

Elk jaar vindt het ‘Op Overeenstemming Gericht Overleg’ (OOGO) tussen de Gemeente Utrecht en het SWV plaats. Dit overleg is gericht op de afstemming van het beleid tussen de twee samenwerkingsverbanden (PO en VO) en gemeente Utrecht. Vanaf januari 2015 zijn gemeenten verantwoordelijk voor jeugdhulp. Om te zorgen voor zo goed mogelijke samenwerking tussen professionals die met kinderen werken, stemmen samenwerkingsverbanden en gemeenten hun beleidsplannen af. Daarnaast zijn gemeenten verantwoordelijk voor het toezicht op de naleving van de leerplicht, het leerlingenvervoer, de onderwijshuisvesting en het achterstandenbeleid. Onderwerpen die relevant zijn voor scholen. Gemeenten spelen daarbij een belangrijke rol. Samenwerkingsverband en gemeenten voeren daarom Op Overeenstemming Gericht Overleg over het ondersteuningsplan van het samenwerkingsverband en over de voor het onderwijs relevante onderdelen van het beleidsplan jeugd van de gemeente(n).

17 april jl. heeft het OOGO plaatsgevonden. Centraal stond dit jaar de actualisatie van het ondersteuningsplan en de samenwerkingsagenda Passend Onderwijs – zorg voor Jeugd.

De komende periode willen we ons richten op de volgende prioriteiten:

  • Uitvoering van het thuiszitterspact ‘Van thuiszitten naar schoolgaan’ : Het aantal thuiszitters is de laatste jaren stabiel laag. Maar ook de beperkte groep thuiszitters, veelal bestaande uit jongeren met een complexe ondersteunings- en zorgvraag, willen we een passende plek bieden. Dit vraagt maatwerk, flexibiliteit, doorzettingsvermogen en vooral ook een tijdige en optimale samenwerking tussen ouders, scholen en kernpartners. De komende periode zullen we hier, mede vanuit het thuiszitterspact, nadere acties op inzetten. Dat doen we door nog verder te investeren in de relatie school – leerling – ouders, door de registratie te verbeteren (Utrecht doet mee in een pilot met DUO) en door heldere regie op, en afspraken over de stappen om tot een passende oplossing te komen bij complexe casuïstiek.
  • Combineren van onderwijs en aanvullende zorg in het (speciaal) onderwijs:  Zorg en onderwijsondersteuning zijn onlosmakelijk verbonden om leerlingen op scholen voor (voortgezet) speciaal onderwijs passende onderwijs te kunnen bieden. Er is behoefte aan zorg en ondersteuning dichtbij en bij voorkeur op school. Ook willen we het verblijf van jeugdigen meer thuisnabij organiseren en onderwijs en zorg daarbij zo goed mogelijk combineren. De komende periode werken we verder aan de opgave om de combinatie van onderwijs en zorg zo effectief en efficiënt mogelijk te organiseren.  Bijvoorbeeld door het uitwerken van een vorm van zorgbekostiging op schoolniveau die aansluit bij wat de school en alle leerlingen op die school nodig hebben. En het werken aan de ontwikkeling naar integrale dagprogramma’s waarin onderwijs, onderwijsondersteuning, zorg en vrijetijdsbesteding/talentontwikkeling worden gecombineerd tot een aanbod op maat voor leerlingen.
  • Doorgaande lijn; warme overgangen:  De overgangsmomenten van thuis of voorschoolse voorziening naar primair onderwijs, van primair onderwijs naar voortgezet onderwijs, en van voortgezet onderwijs naar MBO, kunnen risicovolle momenten zijn in de schoolloopbaan van leerlingen. Zeker voor leerlingen met een zorg- of ondersteuningsbehoefte. Belangrijk is om met elkaar vorm te geven aan een goede (warme) overdracht van leerlingen en effectieve uitwisseling van relevante onderwijs- en hulpverleningsgegevens. De overgang van het PO naar het VO heeft de afgelopen jaren veel aandacht gehad. De komende periode is wat onze doelgroep betreft vooral specifieke inzet nodig voor de overgang vanuit het voorschoolse veld richting het PO.
  • Samen leren: Belangrijk is dat we als professionals en kernpartners van elkaar blijven leren. Dit doen we onder andere door het organiseren van lerende netwerken en kernpartner(mid)dagen, door procesevaluaties en casuïstiekbesprekingen. Dat zullen we ook de komende periode continueren. Daarnaast willen we ook gezamenlijk investeren in verdere professionalisering van de kernpartners. Bijvoorbeeld door gezamenlijke trainingsmomenten op thema’s en vaardigheden die alle partners betreft. We maken hierbij gebruik van de opbrengsten van alle ‘leerwinst’ van de afgelopen periode.